Hoe we een roedel werden

Lua

Vijf honden... Dat is eigenlijk een beetje teveel voor iemand zonder fatsoenlijk inkomen en zonder fatsoenlijk huis. Hoe het toch zo ver is gekomen? Dat is een lang verhaal...
 
Het was bijna kerst en Kiko, Anna en ik 'woonden' nog op de camping. Met z'n drietjes in een camper past prima en ondertussen was ik aan het zoeken naar een huis met een beetje land. Niet alleen voor mezelf en de honden, ik wilde zo snel mogelijk starten met mijn project.
Het plan was (en is) om een vakantieverblijf op te zetten voor mensen met psychiatrische problematiek. Denk bijvoorbeeld aan mensen met autisme die het niet nodig hebben om met een begeleidde groepsreis mee te gaan maar die ook nog niet precies weten welke vaardigheden ze nodig hebben/moeten leren om zelfstandig op reis te gaan. Of bijvoorbeeld mensen die herstellend zijn van een burnout of depressie. 
Ik had tenslotte ruim twintig jaar met veel plezier in de psychiatrie en ambulante (gezins)begeleiding gewerkt.
Dit leek me een perfecte combinatie van werk doen waar mijn hart ligt op een plek waar mijn hart ligt.
Een geschikte plek vinden was dus prioriteit.
 
Terwijl ik daar druk mee was, kwam er een man naar mijn camper. Of ik een paar weekjes op de hond van zijn schoonvader kon passen. Die was nu namelijk even terug naar Engeland vanwege een medische kwestie. De oppashond had wel wat weg van mijn honden dus het leek hem dat dit een goed idee was... Ergens in januari zou de eigenaar van de hond weer naar Órgiva komen en haar weer ophalen. En ja, daar werd ik dan voor betaald.
Ik had dringend geld nodig dus het leek me een goeie deal. Twee of drie honden, dat is toch niet zo'n groot verschil...?
 
SandySandy bleek een zachtmoedige podencomix. Een hartstochtelijke jager maar ook een heel goedzakkerige persoonlijkheid. Ze paste goed bij Kiko en Anna, al waren er wat dingen waar ik extra op moest letten... Sandy en Anna werden nogal fel tegen elkaar als het om eten ging maar met wat management was dat prima te doen. Ideaal, al met al.
 
Tijdens onze wandelingen langs de rivier had ik Lisa leren kennen. Een Duitse dame die vlakbij de camping woonde en een roedel windhonden had. Behalve haar eigen honden, had ze ook vaak 'tijdelijke' honden; zwervertjes die ze opving, opknapte en ter adoptie aanbood. We liepen vaak samen een eindje op. Eén van haar honden, Lua, had regelmatig wat moeite om te besluiten met wie ze mee naar huis ging. Lua was een galgo/pointer mix die vaak achter mij en mijn honden aan dribbelde als Lisa en ik weer naar huis liepen. Lisa opperde dat Lua bij ons zou kunnen gaan wonen want Lua zocht nog een voor-altijd-huis...
'Ik woon in een camper met drie honden... Maar als je me helpt om een huis te vinden waar we allemaal in passen...tuurlijk!', zei ik. 'Hoe groot is die kans?', dacht ik.Lua2
Maar dat had ik mooi verkeerd ingeschat. Lisa hielp me wel degelijk met het vinden van een huis en zo kwam Lua er bij. Sandy was ondertussen al drie maanden langer bij ons dan gepland maar ach, het paste allemaal in dat grote huis... In plaats van op de camping woonden we nu naast de camping dus onze loopjes bleven gewoon dezelfde, ideaal. Het leven kabbelde rustig voort en ik ontving mijn eerste gasten. Ik was mijn werk weer aan het doen, genoot er ook weer als vanouds van en de honden waren gelukkig. Beter dan dit kon het niet worden.
 
Op een ochtend in juli kreeg ik een berichtje van Ana, de receptioniste van de camping met wie ik bevriend was geraakt.
Er was een zwerfhondje op de camping en het beestje zorgde voor overlast. 
Natuurlijk ging ik er heen en ondertussen bleef ik tegen mezelf zeggen: 'ik heb vier honden, dat is eigenlijk al teveel voor mij. Vijf kan echt niet. Vijf kan echt niet.'
 
Op het terras van het restaurant zag ik een klein bruin met wit podencopupje met een raar linkeroogje en reuze oren.
Ik probeerde wat halfslachtig om hem te vangen maar het bleek een Houdini en binnen drie seconden was meneertje weer los en op de vlucht. Ik liep weer naar huis 'Zie je wel, het is een teken; vijf kan echt niet, vijf is teveel. Als Sandy nou opgehaald zou worden, tuurlijk. Maar die is hier nu ook al 7 maanden in plaats van drie weken...'
 
Er kwam weer een bericht; het hondje was terug gekomen naar de camping en was gevangen. Hij zat in een voorraadhok. Ik moest hem snel op komen halen want anders zou dit wel eens heel naar af kunnen lopen.
Ik kwam dit keer met een bench en had Lisa gebeld om me te helpen die bench-met-hond naar huis te brengen. 
'Vijf is teveel, vijf kan echt niet. Ik knap hem op en doe wat Lisa doet; ik laat hem adopteren. Ik zit toch in een Podenco Facebook groep, daar wil heus wel iemand zo'n schattig puppy..'
 
Ik zette de bench in het voorraadhok en zei: 'Kom Thom, we gaan..' 
Hij stapte, met een rafelig stropje nog om zijn nek, zonder twijfel in de bench en ging lekker liggen terwijl ik het deurtje op slot deed.
 
Thom deed het verrassend goed met zijn pleegzussen en -broer. Hij liet me al zijn teken verwijderen, stapte dapper in het tuigje wat ik van Lisa had geleend (meneertje werd namelijk hysterisch van een halsbandje na die strop), was totaal niet zindelijk en wilde alleen maar opgetild worden. De volgende ochtend gingen we naar de dierenarts om te checken of hij een chip had. Natuurlijk had hij die niet. De dierenarts maakte een paspoort voor hem en chipte hem. Voor nu maar even op mijn naam, dat moest dan maar omgezet worden over een paar weken, als hij geadopteerd zou worden. Toen we terug naar huis liepen was Thommie moe en weigerde verder te lopen. Hij paste in mijn schoudertas met zijn bipsje en zo werd Thom een kangoeroe-hondje. Onderlijfje in de tas, armpjes om mijn middel. Elke dag. We deden samen de was, de afwas, klusjes in de tuin en de boodschappen.
Thom weigerde 's nachts ergens anders te slapen dan op mijn buik, neusje in mijn hals.
'Vijf is echt teveel, vijf kan echt niet... toch?'
 
Een week of drie later gebeurde er een kleine ramp. Ik was net begonnen aan mijn tweede kopje koffie van de dag. Alle hondjes banjerden vrolijk door de tuin, de zon scheen. Letterlijk en figuurlijk geen vuiltje aan de lucht. Tot ik een hondje hoorde gillen bij de poort. Anna. Aan de verkeerde kant van het hek en helemaal onder het bloed. Ze gilde en rilde.
Ik zag lappen huid bungelen en haar hele buik zat vol zwarte korrels. Aangereden...
 
Er moesten flink wat hechtingen aan te pas komen om haar vel weer op de goede plaats te krijgen maar godzijdank was het maar aan één poot/heup. Terwijl ze op het hondenbed in de slaapkamer haar narcose uit lag te slapen, peuterde ik de asfalt korrels uit haar vacht. Aan de andere kant van de slaapkamerdeur zaten vier honden heel stilletjes te wachten. Niemand was aan het buitenspelen, niemand lag op het gras in het zonnetje.
 
Ik liet Kiko binnen. Hij keek naar zijn zus, snoof van gepaste afstand de doktersgeuren op en ging met zijn rug naar Anna voor het matras zitten. Nee, hij ging daar niet meer weg zei hij, hij bleef bij zijn zus. 
Ik liet Lua binnen. Lua bekeek het tafereel en ging ook met haar rug naar Anna zitten. 
Sandy mocht ook naar binnen en ook zij deed exact hetzelfde als de anderen waardoor er een halve cirkel rond Anna ontstond.
 
ThomThom zat ook voor de deur. Maar Thom besprong altijd iedereen om te gaan stoeien... Dat leek me geen goed idee. Maar wat ik ook deed, Thom bleef koppig naar de slaapkamerdeur staren. Ik was nu toch nieuwsgierig en liet hem aan een lijntje naar binnen. Dan kon hij even kijken wat er aan de hand was en dan zou ik hem weer mee naar de huiskamer nemen.
 
We kwamen de slaapkamer binnen en in plaats van zijn gebruikelijke rennen en springen, trippelde hij op zijn teentjes naar het hondenbed. Ik denk dat we allebei nogal onder de indruk waren van de plechtige sfeer op dat moment. Drie honden die als standbeelden in een halve cirkel om Anna zaten. Ze keken alle drie recht vooruit, ieder net even een andere richting op. Thommie liep voorzichtig tussen Lua and Kiko door, snuffelde aan Anna, keek naar haar pootje en draaide zich om. Ik wilde met hem verder lopen naar de deur maar ik voelde de lijn strak worden. Toen ik omkeek zag ik Thom tussen Lua en Kiko in zitten. Met zijn rug naar Anna staarde hij recht voor zich uit. Hij bleef zitten, ook zonder zijn lijntje.
 
Alle vier bleven ze daar zitten. Niemand ging even wat drinken, niemand ging even naar buiten totdat Anna haar oogjes open deed en diep zuchtte. 
 
Thom was onderdeel van de familie geworden door te waken over zijn zus. En ja, vijf is teveel. Vijf kan echt niet.
Maar na dit magische moment kon ik het niet meer over mijn hart verkrijgen hem te laten adopteren. Thom hoorde er bij, hij had een plek ingenomen in de familie en de hondenfamilie had hem die plek ook gegeven. Het leek me wel zo eerlijk om dat besluit te respecteren.
 
Ik kon toen nog niet weten dat ik een paar weken later ook echt voor kleine Thom moest opkomen en hem bijna kwijt raakte.
Maar dat verhaal bewaar ik voor de volgende keer..
 

 

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Login Form